Terug naar overzicht
Sneeuw en onwerkbare werkdagen in de bouw
6 januari 2026

Wanneer levert sneeuwval een onwerkbare werkdag op, waardoor de aannemer - bij een bouwtermijn in werkbare werkdagen - recht heeft op termijnverlenging en in zoverre gevrijwaard blijft van opleverboetes?
Volgens de UAV 2012 en Woningborg Voorwaarden is er sprake van een onwerkbare werkdag “wanneer daarop door omstandigheden buiten de aansprakelijkheid van de aannemer gedurende ten minste vijf uren door het grootste deel van de arbeiders of machines niet kon worden gewerkt” (§8 lid 2 UAV en art. 14 lid 1 Woningborg).
Het antwoord op de vraag of sneeuwval leidt tot zo’n onwerkbare werkdag, is niet zwart-wit. Het hangt sterk af van de omstandigheden van het geval: hoe ernstig was de sneeuwval en welke concrete werkzaamheden moesten er worden uitgevoerd? Het storten van beton is bij vorst en sneeuw al snel onmogelijk, terwijl binnenschilderwerk vaak ongehinderd door kan gaan.
Hierna bespreek ik diverse jurisprudentie waarin arbiters wel én niet meegaan in het betoog van de aannemer en ga ik in op bewijslevering. Ik sluit af met concrete tips: hoe dient de aannemer te handelen?
Wanneer arbiters concluderen tot een onwerkbare werkdag
In een uitspraak van de RvA van 24 februari 2011 (nr. 32.141) gaan arbiters vrij makkelijk mee in het standpunt van de aannemer dat er sprake is van onwerkbare werkdagen:
“Volgens het weekrapport lag er op 25 maart 2008 sneeuw en ijs op de daken, steigers en terrassen. Ter zitting heeft onderneemster verklaard dat die dagen niet op de steigers kon worden gewerkt en de geplande afbouwwerkzaamheden niet konden worden afgemaakt. Arbiter acht aannemelijk dat deze dag onwerkbaar was.”
Ook in een uitspraak van 26 mei 2008 (nr. 29.113) wijzen arbiters sneeuwdagen zonder al teveel beraadslaging toe als onwerkbaar. Zij tellen één extra dag vanwege het ‘na-ijleffect’: de tijd die de aannemer nodig had om de 15 cm sneeuw eerst weg te halen voordat het werk kon worden hervat.
Zelfs als er enige werkzaamheden zijn verricht, kan een dag onwerkbaar zijn. In een uitspraak van 16 februari 2004 (nr. 25.481) oordeelden arbiters:
“Arbiter acht het aannemelijk dat, nu het op 1 februari de hele dag gevroren heeft, de werkzaamheden van aanneemster op 2 februari 2001 door die vorst negatief beïnvloed werden. (...) Het enkele feit dat blijkens betreffende dagstaat aanneemster toch enkele – volgens aanneemster vervangende – werkzaamheden heeft verricht doet hier niet aan af.”
Daarnaast kan veiligheid een grote rol spelen. In een uitspraak van 4 mei 2022 (nr. 89060) wogen arbiters mee dat de aannemer verantwoordelijk is voor een veilige werkplek. Bij een opschaling naar code rood en een "blijf thuis" advies van het KNMI, oordeelden arbiters dat het te billijken was dat het personeel niet werkte:
“Zowel de heen- als de terugreis als het werk op de gladde en ongelijkmatige bouwplaats met ten gevolge van de sneeuw onzichtbare gaten konden gevaarlijke situaties opleveren. (...) Arbiters zijn dan ook van oordeel dat vanuit het oogpunt van goed werkgeverschap en indachtig de ARBO-wetgeving deze dagen in dit geval als onwerkbaar mogen worden aangemerkt.”
Zie in gelijke zin RvA 17 september 2021, nr. 89039.
Wanneer arbiters het beroep afwijzen
De aannemer krijgt echter niet zomaar gelijk. In een uitspraak van de RvA van 19 mei 2021 (nr. 81772) overwegen arbiters dat de aannemer niet mag volstaan met algemene weergegevens. Hij moet concrete bewijsstukken overleggen waaruit blijkt dat zijn werknemers de bouwplaats die dag niet konden bereiken. De enkele omstandigheid dat het KNMI opriep om thuis te blijven vanwege hinder voor het verkeer, was volgens de arbiter onvoldoende.
Ook het tijdstip telt. In een uitspraak van de RvA van 5 maart 2020 (nr. 81580) was een in de middag afgegeven code rood onvoldoende:
“Arbiter overweegt dat (...) pas rond het middaguur door het KNMI de code rood is afgegeven (...), zodat niet volgehouden kan worden dat door die melding de werknemers die dag niet naar het werk zouden zijn gegaan.”
Zie in gelijke zin Rechtbank Noord-Holland 23 juni 2021, ECLI:NL:RBNHO:2021:7840.
Bewijs
Uit deze en andere rechtspraak komt naar voren dat de aannemer het nodige bewijs zal moeten aanleveren voor zijn stelling i) dat er sprake is van onwerkbaar weer en ii) dat de bouw hierdoor daadwerkelijk wordt vertraagd.
Algemene opmerkingen volstaan niet. Zoals een arbiter overwoog in een uitspraak van 22 juni 2012 (nr. 32.938):
“Met opdrachtgevers is arbiter van oordeel dat het beroep van aanneemster op onwerkbaar weer slechts een algemene opmerking behelst (...). De weersomstandigheden zijn niet nader in duur geconcretiseerd en evenmin gerelateerd aan de stand van het werk.”
Ook dagrapporten die blind "onwerkbaar weer" aanvinken zijn onvoldoende, zeker in de afbouwfase. In een uitspraak van 11 mei 2009 (nr. 30.118) oordeelden arbiters dat wanneer een gebouw wind- en waterdicht is, weersomstandigheden minder invloed zouden moeten hebben.
In een uitspraak van 1 juli 2020 (nr. 81.669) stelde een aannemer dat bakstenen aan elkaar gevroren zaten. De arbiter vond dit te algemeen: de aannemer had geen concrete momenten genoemd waarop dit het kritieke pad daadwerkelijk had vertraagd.
Conclusie en tips voor de praktijk
De beoordeling of sneeuwval leidt tot een onwerkbare dag is, kortom, sterk casuïstisch. Alhoewel arbiters soms vrij gemakkelijk meegaan in het standpunt van de aannemer, doet hij er goed aan om zijn administratie op orde te hebben. Een uitdraai van het KNMI of een algemene verwijzing naar "de strenge winter" volstaat in de regel niet.
Voor de aannemer die discussies achteraf wil voorkomen, schrijf ik de volgende actiepunten op:
- Maak op de dag zelf foto’s van de bouwplaats en maak een aantekening in de dagstaat. Laat zien en onderbouw dat de sneeuwlaag het werk fysiek onmogelijk maakt en/of de veiligheid (zicht op gaten/struikelgevaar) in het geding brengt.
- Koppel het weer aan de planning. Leg uit waarom activiteit X (bijv. metselwerk) niet kan doorgaan en waarom er geen alternatief werk (binnen) mogelijk is.
- Is de bouwplaats onbereikbaar door code rood? Meld dit aan de opdrachtgever/directie, inclusief de melding dat het personeel om veiligheidsredenen thuisblijft.
- Een verzoek om termijnverlenging moet schriftelijk en ten minste veertien dagen voor het verstrijken van de termijn (§8 lid 4 UAV), worden gedaan. Wacht dus niet tot het einde van het werk met een beroep op onwerkbare dagen, maar documenteer en meld lopende het project.
- Wees realistisch. In de afbouwfase (wind- en waterdicht) wordt een beroep op sneeuw niet snel gehonoreerd, behalve als de bereikbaarheid van de bouwplaats in het geding is.
Hebt u vragen naar aanleiding van deze post? Neem contact op.
